Codependentie ontstaat vaak in een jeugd waarin ouders emotioneel onbeschikbaar, onvoorspelbaar of onveilig waren. Misschien was er sprake van verslaving, narcisme, psychische problematiek, fysieke mishandeling of simpelweg een ouder die zelf nooit geleerd heeft hoe veiligheid voelt. Dat noemen we ‘ongezien opgroeien’, waarin onveilige hechtingspatronen ontstaan.
Als kind ontwikkel je een scherpe antenne. Je leert voelen wat de ander nodig heeft, nog voordat je weet wat jij nodig hebt. Je stemt je af, sust, helpt, redt. Niet bewust — maar omdat het de enige manier is om verbinding te behouden.
Je lichaam leert: liefde betekent zorgen voor de ander.